Energie nieuws

0 18

Naar aanleiding van klachten van kritische organisaties rondom windenergie onderzocht de Nationale Ombudsman de online informatie over windenergie van de Sociaal Economische Raad (SER). De Ombudsman concludeert dat de gegeven informatie onjuist, onvolledig en achterhaald is. Ook de rol die Ed Nijpels, aanjager van de vergroening van de energieproductie, bij de informatievoorziening speelt wordt door de Ombudsman gehekeld.

Volgens de Nationale Ombudsman worden de nadelen die windmolens met zich meebrengen op de website van de SER gebagatelliseerd zonder verdere onderbouwing. Hij deed onderzoek naar de informatievoorziening op verzoek van het Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW) en de Nederlandse Vereniging Omwonenden Windturbines (NLVOW). Deze organisaties zijn voorstander van duurzame energieopwekking, maar plaatsen vraagtekens bij de bouw van veel grote windmolens in Nederland. De informatie van de SER is vooral gericht op de promotie van de plaatsing van windmolens. De SER moet de uitvoering van het Energieakkoord bewaken. Ed Nijpels is voorzitter van de Borgingscommissie Energieakkoord en houdt er namens de SER toezicht op dat het akkoord in goede banen geleid wordt.

Op de website van de SER plaatste in 2015 zogenaamde factcheckers over windenergie. Daarin komt onder meer naar voren dat slechts een klein deel van omwonenden hinder ondervindt van het geluid van windturbines. De bewering wordt niet onderbouwd met onderzoeksresultaten. Ook zou de waardedaling van huizen in de nabijheid van windmolens gering zijn. Deze uitspraak is gebaseerd op een onderzoek van vóór 2011. Sindsdien is het aantal windturbines toegenomen in aantal en grootte en worden ze dichter bij woongebieden geplaatst. Ook de gezondheidsrisico’s en slaapproblemen van omwonenden worden vergoelijkt.

De Ombudsman raadt de SER en Ed Nijpels aan de informatie te controleren op juistheid, volledigheid en actualiteit. De SER verbaast zich over de bevindingen van de Ombudsman en deelt de mening niet dat ze opzettelijk uitsluitend positief tegenover windenergie staat. Volgens de Raad komen zowel voor- als nadelen voldoende aan bod in de factcheckers.

0 16

Een aantal grote oliebedrijven starten een gezamenlijk investeringsfonds voor duurzame energie. De bedrijven willen met het nieuwe fonds een actieve rol spelen in de strijd tegen de klimaatverandering.

Zeven grote oliebedrijven doen mee aan het initiatief. BP, Eni, Repsol, Saudi Aramco, Shell, Statoil en Total waren al verenigd in het Oil and Gas Climate Initiative. Het werd in 2014 met steun van de Verenigde Naties opgericht. In totaal zijn daar elf olie- en gasbedrijven bij betrokken, die een vijfde van de olie- en gasproductie wereldwijd vertegenwoordigen. Het nieuwe fonds dat de zeven betrokkenen nu oprichten moet investeringen mogelijk maken in duurzame energie. Zo kunnen ontwikkelingen van technologieën op het gebied van uitstootreductie en efficiënter brandstofverbruik door auto’s op steun rekenen. Bovendien wil het collectief maatregelen om de eigen emissies te verminderen onder de loep nemen. Te denken valt aan de reductie van het affakkelen van overtollig gas, een groter gebruik van de CO2-afvang en -opslag en de beperking van methaanuitstoot.

De aankondiging van de samenwerking tussen de zeven oliebedrijven valt samen met de officiële inwerkingtreding van het klimaatakkoord van Parijs. De afgelopen jaren staken een aantal grote oliebedrijven ook al fors in duurzame energie. In vergelijking tot de investeringen die tot nu toe in olie en gas gedaan zijn, valt het resultaat van die inspanningen in het niet. Een bundeling van de krachten zou daar verandering in kunnen brengen.

0 25

Een wetenschappelijk team van de University of Wisconsin in Madison heeft een idee ontwikkeld waarbij een vloer gemaakt van resthout duurzame elektriciteit kan opwekken wanneer er overheen gelopen wordt. De opgewekte energie kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor de verlichting of voor het opladen van elektrische auto’s.

Het onderzoeksteam aan de Amerikaanse universiteit zocht naar een manier om duurzame energie op te wekken met behulp van menselijke activiteiten. Op zich is het idee niet nieuw. Wat de vondst uniek maakt, is dat de vloer gemaakt is van houtpulp dat als restproduct vrijkomt bij industriële processen. Die pulp bestaat voor een deel uit cellulose nanovezels. Deze kleine vezels worden chemisch behandeld, waardoor ze elektrisch geladen worden als ze in contact komen met onbehandelde nanovezels. In feite is het hetzelfde principe als de statische stroom die ontstaat door wrijving tussen twee kledingstukken, het Tribo-elektrisch effect.

Eerdere ideeën om uit de voetstappen van mensen energie te halen waren kostbaar, niet recyclebaar en onpraktisch om op grote schaal toe te passen. De vloeren van houtpulp zijn een nieuwe hernieuwbare energiebron, onafhankelijk van weersomstandigheden, goedkoop en oneindig recyclebaar. Als de technologie nog verder ontwikkeld is, kunnen de vloeren in grote openbare ruimtes toegepast worden. Te denken valt aan winkelcentra, bibliotheken en scholen.

0 12

Met de vereniging in de Transitiecoalitie doen zo’n veertig bedrijven een oproep aan de Nederlandse overheid om de energietransitie een hoge prioriteit te geven. Het aantal bedrijven dat zich bij het verbond aansluit groeit wekelijks. De coalitie wil onder meer dat er een klimaatwet gemaakt wordt en een klimaatminister aangesteld wordt.

Ongeveer veertig Nederlandse ondernemingen omarmt de klimaatdoelen die vorig jaar in december in Parijs zijn opgesteld. Die doelstellingen betekenen voor Nederland een reductie van de broeikasgassenuitstoot met 80 tot 95 procent in 2050. Op dit moment echter is het energiebeleid in Nederland verdeeld over verschillende departementen. Ook is het beleid volgens de coalitie niet gericht op de lange termijn. Daarmee lijkt Nederland de doelstellingen niet te zullen halen.

De Transitiecoalitie stelt een aantal maatregelen voor die het tij moeten keren. Met de invoering ervan kan Nederland een versnelling inzetten die de kans biedt om op het gebied van verduurzaming internationaal leider te worden. Het biedt Nederland de kans om een nieuwe economie te ontwikkelen met nieuwe verdienmodellen en nieuwe banen. Vier voorstellen doet het verbond aan de overheid.

Als eerste dient een klimaatwet gemaakt te worden om de doelen van het Parijse Klimaatakkoord in 2050 te realiseren. Daarbij moeten ook concrete tussendoelen gesteld worden voor 2030 en 2040. Ten tweede moet een minister aangesteld worden voor economie, klimaat en energie. Deze minister zorgt voor de samenhang in het beleid en maakt het mogelijk om de kansen van de nieuwe economie te verzilveren. Derde maatregel is het aanwijzen van een onafhankelijke klimaatautoriteit die de gemaakt afspraken op lange termijn (dus over kabinetten heen) borgt door het verbinden van partijen en hen aanspreekt op een voortvarende en consistente uitvoering. Als laatste dient een nationale investeringsbank opgezet te worden die investeringen in verdere innovatie en grote energieprojecten mogelijk maakt.

0 9

Als het om milieumaatregelen gaat denkt men vaak aan fabrieken en productiebedrijven. Toch kunnen ook kantoren een actief duurzaamheidsbeleid hanteren. Zo’n beleid kan grote besparingen opleveren in kosten en energieverbruik. Een eerste start is het aanpakken van het papierverbruik en het printbeleid.

Op kantoren wordt veel papier gebruikt. Een bedrijf met 400 medewerkers verbruikt jaarlijks gemiddeld 5.000 vellen papier per persoon. Dat verbruik is goed voor een CO2-uitstoot van 2.817 kg per maand. Minder papier gebruiken levert dus een flinke besparing op voor het milieu. Maar ook de kosten worden dan aanzienlijk beperkt.

Door elektronisch te factureren vermindert het papierverbruik aanzienlijk. Bovendien scheelt het tijd en geld. Daarbij komt ook dat er bespaart wordt op het gebruik van de printer. Oudere printers verbruiken in inactieve stand maar liefst 90 procent van de energie. Omdat nieuwere printers dat niet doen is het de overweging waard om oude printers te vervangen. De plaats van een printer of kopieerapparaat in het bedrijf is ook van groot belang. Aangetoond is dat mensen de printer minder vaak gebruiken wanneer ze wat verder moeten lopen om de prints te halen. Maar te ver weg is ook niet handig, want dan wordt weliswaar uitgeprint, maar de printjes worden niet opgehaald. Te dichtbij werkt juist onnodige veel prints in de hand. Het is daarnaast ook van belang goede instructies te geven bij printers. Maar liefst 17 procent van de overbodige uitdraaien zijn veroorzaakt door fouten als eenzijdig afdrukken, verkeerd papier gebruik en onjuiste instellingen. De juiste kennis over de printer en het kopieerapparaat maakt dat er minder fouten gemaakt worden en dus onnodig geprint wordt.

0 11

De gemeente Utrecht heeft de luchtkwaliteit hoog op de prioriteitenlijst staan. In dat kader verleent de gemeente subsidie voor de aanschaf van een elektrische fiets op basis van lease. Een aantrekkelijke, laagdrempelige manier om over te stappen naar vervoer binnen de stad per tweewieler.

Het leasen van een e-bike heeft dit jaar een vlucht genomen. Voor bedrijven die in de gemeente Utrecht actief zijn op het gebied van vervoer is de elektrische fiets een goed alternatief tegenover het gebruik van de aloude bestelwagens. De gemeente Utrecht heeft zich ten doel gesteld de luchtkwaliteit in de stad te verbeteren. Om het gebruik van e-bikes te bevorderen kan daarom een beroep gedaan worden op de subsidieregeling van de gemeente, waarvan veel bedrijven al gebruik hebben gemaakt. De overstap op de veel groenere vervoersmiddelen als elektrische bakfietsen, speed-pedelecs en e-bikes werd daarmee voor bedrijven ook financieel aantrekkelijk.

De subsidieregeling loopt tot het einde van dit jaar. Ieder bedrijf dat een e-bike leaset kan aanspraak maken op de 1.500 euro per fiets die de gemeente als subsidie beschikbaar stelt. Om zoveel mogelijk bedrijven te bereiken en kennis te laten maken met de voordelen van het leasen van elektrische fietsen werkt de gemeente samen met fietsenwinkels en Fietsleasen.com. Op de zogenaamde e-BikeBusinessday kunnen bedrijven informatie inwinnen over de gemeentelijke subsidieregeling voor de lease van een e-bike. Bovendien kunnen proefritten gemaakt worden en de diverse soorten elektrische fietsen bekeken worden.

0 42

Op gebouwen die zijn aangemerkt als monument of die beeldbepalend zijn mogen geen zonnepanelen geïnstalleerd worden. Dat maakt het onmogelijk om deze gebouwen met het gebruik van zonne-energie duurzamer te maken. Tot nu toe. Een Nederlands bedrijf heeft dakpannen ontwikkeld waarin bijna onzichtbaar zonnecellen zijn verwerkt. De pannen zijn al door meerdere gemeenten geaccepteerd voor toepassing op hun monumentale gebouwen.

Welstands- en monumentencommissies zien er streng op toe dat het aanzicht van rijks- of gemeentelijke monumenten intact en bewaard blijven. Het aanbrengen van zonnepanelen vormt een enorme inbreuk op de esthetische kenmerken van dit soort gebouwen. Toch is het opwekken van zonne-energie juist op dit soort gebouwen vaak zeer wenselijk. Het Nederlandse bedrijf ZEP ontwikkelde zonnedakpannen die geen afbreuk doen aan het aanzicht van monumenten. Daarmee lijkt een doorbraak te zijn gekomen om ook dit soort panden duurzamer te maken.

Een aantal Nederlandse gemeenten hebben de toepassing van de zonnedakpannen van ZEP op hun monumenten en beeldbepalende gebouwen goedgekeurd. Het bedrijf verwacht dat het systeem overal in Nederland geaccepteerd zal worden. In de dakpannen zitten haast onzichtbare zonnecellen verwerkt, waardoor ze uitermate geschikt zijn om op monumentale panden toegepast te worden. Bijkomend voordeel is, dat de pannen volgens het bedrijf meer elektriciteit produceren dan traditionele zonnepanelen. De zonnedakpannen vormen ook een goede oplossing voor gebouwen waarop te weinig geschikte ruimte is voor zonnepanelen. Maar mensen die panelen op het dak lelijk vinden, hebben met de zonnedakpannen van ZEP een goed alternatief om toch tot het opwekken van groene energie over te gaan.

0 5

In Gemert is de eerste natte biomassafabriek van Nederland geopend door minister Kamp van Economische Zaken. De fabriek zet champignons om naar energie en is een voorbeeld van de circulaire economie.

Upcycling Gemert zet het biologische afval van Champignonkwekerij Gemert, de zogenaamde natte biomassa om in compost, brandstof en duurzame warmte. Het bedrijf heeft het nieuwe proces ontwikkeld met steun van de overheid. Biomassa is de verzamelnaam voor alle biologische afval dat via diverse processen omgezet kan worden in energie. Natte biomassa is daarin het vochtige, organische afval, zoals mest, rioolslib maar bijvoorbeeld ook vers GFT afval van champignonkwekerijen. Deze biomassa kan gedroogd worden tot brandstof zoals pellets, maar door vergisting kan er ook biogas of bio-ethanol geproduceerd worden.

Champignonkwekerij Gemert verbouwt vijf miljoen kilo champignons per jaar. De kweekresten die daarbij vrij komen is de natte biomassa waarmee Upcycling Gemert aan de slag kan. De energie die bij de verwerking wordt geproduceerd, wordt terug geleverd aan de kwekerij en omliggende tuinders. Op jaarbasis betekent dat een besparing van een miljoen kubieke meter aardgas. Het verwerkingsproces in de fabriek is niet uitsluitend gemaakt voor het afval van champignons. Ook andere natte biomassa kan er verwerkt worden.

0 13

Het staatsenergiebedrijf van Costa Rica, Instituto Costarricense de Electricidad (ICE) regelt de productie en distributie van energie in het land in Centraal-Amerika. Het bedrijf maakt bekend dat de afgelopen achtereenvolgende 76 dagen uitsluitend duurzame energie gebruikt is in het land.

Costa Rica heeft vorig jaar in totaal 299 dagen op duurzame energie gedraaid. Tot nu toe staat de teller dit jaar op 150 dagen zonder gebruik van traditionele energiebronnen waarvan 76 dagen achter elkaar. Het land wil het eerste klimaat neutrale land ter wereld zijn in 2021.

Waterkracht is de voornaamste energiebron voor Costa Rica. Maar liefst 80 procent van de duurzame energie wordt uit waterkracht gehaald. In de rivier Reventazón liggen drie dammen waarvan twee actief in de energieproductie. De derde wordt komende week actief met een capaciteit van 305,5 megawatt. Critici geven aan dat waterkracht een te kwetsbare energiebron is. Deze manier van energie opwekken vereist een consistente regenval. Dat betekent dat in tijden van droogte niet voldoende energie opgewekt kan worden en teruggegrepen moet worden op olie, steenkool of aardgas.

De duurzame productie van elektriciteit in Costa Rica komt vooral uit waterkracht. Daarnaast wordt ongeveer 12 procent van de energiebehoefte gehaald uit aardwarmte en 7 procent komt van windturbines. De zon is een energiebron die onder aan de lijst staat met slecht 0,01 procent aandeel in de landelijke elektriciteitsbehoefte.

0 25

Een nieuwe manier om duurzame energie op te wekken is in ontwikkeling. Autonome vliegtuigen die aan een kabel boven zee vliegen wekken windenergie op. Er wordt nu nog geëxperimenteerd met prototypes boven land. De Power Planes zijn een goedkoop, duurzaam en effectief alternatief voor traditionele windturbines.

De Power Planes zijn ontwikkeld door Ampyx Power uit Den Haag. Het bedrijf werkt samen met onderzoeksinstituten ECN en Marin en met Mocean, een bedrijf dat gespecialiseerd is in offshore constructies. De vliegtuigen aan een kabel vliegen wordt uitgetest boven land, maar de bedoeling is dat ze op volle zee windenergie gaan opwekken. ECN brengt onder meer de kosten en opbrengsten van het systeem in kaart en vergelijkt deze met de huidige technologieën. Samen met de testvluchten boven land kunnen met al die gegevens de prototypes verder ontwikkeld worden.

kabelvliegtuigen
De illustratie is van Ampyx Power)

Op 450 meter hoogte waait boven zee een constante harde wind, waardoor de meeste windenergie geoogst kan worden. De nieuwe technologie kan de exploitatie van windparken op zee veel goedkoper maken. Voor het Topconsortium Kennis en Innovatie Wind op Zee (TKI), onderdeel van de Topsector Energie, is dat reden om aan het initiatief subsidie toe te kennen. Het TKI vindt het belangrijk dat, naast het optimaliseren van bestaande technologieën, grenzen verlegd worden en alternatieve werkwijzen en toepassingen verkend en uitgewerkt worden.

0 36

Vrachtwagenproducent Scania levert drie vrachtwagens aan het Noorse Asko die aangedreven worden door elektrische energie uit waterstof. Asko is het op één na grootste transportbedrijf van Noorwegen.

De proef wordt vooral gedaan om de technologieën op het gebied van waterstofaandrijving te testen. Scania heeft al meerdere manieren onderzocht om vrachtwagens energiezuiniger en milieuvriendelijker te maken, onder meer door proeven met bio-ethanol en elektrische aandrijving via bovenleidingen. Asko wil het wagenpark bestaande uit ongeveer 600 vrachtwagens zo snel mogelijk aanpassen naar volledig elektrisch aangedreven voertuigen. Het bedrijf heeft de ambitie om in de toekomst klimaatneutraal te worden. De samenwerking tussen Scania en Asko helpt beide bedrijven in hun zoektocht naar de gewenste oplossingen.

Voor de test met de toepassing van waterstof gaan de wagens routes afleggen van bijna 500 kilometer. Om verbrandingsmotoren volledig te kunnen vervangen door elektromotoren moet eerst goed onderzocht worden hoe de batterijcapaciteit vergroot kan worden. In de toekomst zullen volledig elektrisch aangedreven vrachtwagens de standaard worden, zeker in stedelijke gebieden. Een voldoende batterijgrootte is daarbij van essentieel belang zodat de afstand radius een vergelijkbare reikwijdte hebben als bij de huidige aandrijvingen door diesel.

0 3

Op de Afsluitdijk bij Den Oever moet een testcentrum gerealiseerd worden die zelfstandig draaiende duurzame energienetwerken gaat testen. Op de Afsluitdijk worden verschillende projecten uitgevoerd voor de opwekking van duurzame energie uit water, wind en zon.

De duurzame energienetwerken, Off Grid Energy Systems, kunnen continu geheel zelfstandig werken om elektriciteit op te wekken, op te slaan en te leveren. Het testcentrum, Off Grid Test Centre (OGTC) gaat onderzoek uitvoeren en er worden daarbij verschillende systemen getest. Het doel is duurzame, onafhankelijk werkende en betaalbare alternatieven te ontwikkelen voor de huidige gebieden en eilanden die geen aansluiting hebben op het centrale openbare elektriciteitsnetwerk. Fase 1, het ontwerp, de bouw en de oplevering van het OGTC moet medio 2017 gerealiseerd zijn. Het ligt in de planning dat het centrum eind 2021 weer verwijderd wordt.

Het testcentrum wordt gerealiseerd door MPower, een samenwerkingsverband tussen Wind Energy Solutions, ZON Energie, Tocardo en batterijleverandciers. Door een bijdrage van de Rijksbijdrage Regeling Ambities Afsluitdijk en de investeringen door de betrokken bedrijven zijn de kosten voor het OGTC gedekt.

Het project maakt onderdeel uit van het programma “De Nieuwe Afsluitdijk”. Het doel van dat programma is om de Afsluitdijk te maken tot een innovatieve, energie neutrale dijk met internationale uitstraling. De vernieuwde dijk moet uiteindelijk een gebied worden waar plaats is voor duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme en ruimtelijke kwaliteit.

0 3

Ze deden er een jaar en vijf maanden over, maar eind juli is de Solar Impulse van piloten Bertrand Piccard en André Borschberg eindelijk geland in Abu Dhabi. Het vliegtuigje voltooide daarmee voor het eerst een vlucht rond de aarde op alleen maar zonne-energie.

Piccard en Borscherg hadden voor hun tocht 16 tussenstops nodig in onder meer India, China, de Verenigde Staten en Spanje. Ook stond hij bijna een jaar stil op Hawaï omdat zijn vliegtuigje beschadigd was geraakt. Beide mannen wisselden elkaar bij het vliegen af want de Solar Impulse biedt slechts plaats aan 1 persoon om zoveel mogelijk gewicht te besparen.

De tocht van 35.000 kilometer eindigde in Abu Dhabi omdat hij daar ook was begonnen. De vluchten in het Midden Oosten waren ook direct het gevaarlijkst. Dat kwam doordat er daar verschillende zones in het luchtruim zijn waar je niet mag komen en bovendien heb je er veel gevaarlijk sterke luchtstromen waardoor je met een licht vliegtuigje makkelijk uit koers raakt.

De Solar Impulse weegt slechts 1.600 kg en kan op een maximale hoogte van 8,5 kilometer vliegen.

0 12

Nu de vakanties in volle gang zijn trekt bijna iedereen erop uit. Opvallend is dat veel elektrische auto’s thuis blijven. Ze worden tijdelijk vervangen door de oude vertrouwde benzineauto.

Met de aanschaf van een elektrische auto weet je dat je je enigszins moet voorbereiden op de autoritten die je maakt. Nederland heeft de meeste elektrische auto’s op de weg, op Noorwegen na en er zijn al ongeveer 20.000 laadpalen te vinden. Toch vraagt een elektrische autorit om enige planning rondom laadlocaties en actieradius. En wanneer de reis verder gaat dan de grens, is een goede voorbereiding helemaal op zijn plaats. Ook moet je rekening houden met de aansluitingen. De stekkers passen niet altijd op de laadpalen in bijvoorbeeld Frankrijk of Italië.

Fabrikanten kennen de beperkingen van de elektrische auto. Zij bieden kopers daarom een alternatief en stellen in de vakantietijd drie weken lang een benzineauto ter beschikking, zodat ook een zonvakantie in het zuiden van Europa nog steeds mogelijk is. Tesla daarentegen doet dat niet. Een Tesla heeft met 400 kilometer een veel grotere actieradius dan andere elektrische auto’s. Bovendien heeft het merk een eigen Europees netwerk van superchargers en is opladen voor de Tesla-rijder gratis. Daardoor is het mogelijk een reis naar het zonnige zuiden probleemloos te laten verlopen. Keerzijde is dat de aanschafprijs van een Tesla aanzienlijk hoger is dan andere elektrische auto’s. Een minpunt die veel mensen doet besluiten voor een goedkopere variant te kiezen en daarbij het aanbod van de benzineauto in de vakantie met beide handen aangrijpen.

0 4

Dertig jaar na de kernramp in Tsjernobyl heeft de Oekraïense regering een invulling bedacht voor de spookstad. Er komt een groot zonnepark dat goed zal zijn voor 1 gigawatt energie.

In 1986 vond de ramp in de kerncentrale van Tsjernobyl plaats waarbij een gebied ter grootte van Luxemburg onbewoonbaar werd door de hoge radioactieve straling. Nog altijd is de 2.600 vierkante kilometer zone verboden toegang. Met het nieuwe plan om een groot zonnepark aan te leggen voor de opwekking van hernieuwbare energie komt er een zinvolle invulling van het spookgebied.

De Oekraïense minister van milieu zegt dat het gebied een ideale plek is voor de opwekking van zonne-energie. De zon schijnt er gemiddeld meer uren per jaar dan bijvoorbeeld in Duitsland. De grond is er goedkoop en er wonen rondom het gebied veel mensen die gekwalificeerd zijn om in energiecentrales te werken. Al dit jaar is het de bedoeling dat er voor 4 megawatt aan zonnepanelen geïnstalleerd gaat worden.

De kosten voor de aanleg van het park worden geschat op 1 miljard euro. Geldschieters moeten nog gevonden worden. Er is al interesse getoond door twee Amerikaanse investeringsbedrijven en vier Canadese energiebedrijven. Ook is de Oekraïense regering in gesprek met de Europese Bank voor Reconstructie en Ontwikkeling.

0 2

In de eerste helft van 2016 blijven investeringen in hernieuwbare energiebronnen wereldwijd achter ten opzichte van het vorig jaar. Dit blijkt uit cijfers van onderzoeksbureau Bloomberg New Energy Finance (BNEF).

In het hele jaar 2015 werd mondiaal 348,5 miljard dollar geïnvesteerd in groene energie, een recordbedrag vooral veroorzaakt door de opkomende landen. Tot nu toe is in 2016 slechts 116,4 miljard gestoken in hernieuwbare energie. Volgens BNEF is de daling te wijten aan lagere investeringen in Azië. Bovendien richten ontwikkelaars zich vooral op kleinere projecten, die minder grote investeringen nodig hebben.

Uit de cijfers blijkt ook dat windenergie het wereldwijd relatief slechter doet dan andere duurzame bronnen. In vergelijking met dezelfde periode in 2015 daalden bestedingen in het afgelopen tweede kwartaal met 13 procent. Investeringen in zonne-energie stegen daarentegen juist met 23 procent. BNEF voorspelt dat wind- en zonne-energie vanaf het volgende decennium de goedkoopste energiebronnen zullen zijn in veel landen.

Meer investeringen in hernieuwbare energie zijn nodig om de opwarming van de aarde te beperken tot twee graden. Het BNEF verwacht dat in 2040 de jaarlijkse uitstoot mondiaal maar liefst 700 megaton CO2 zal zijn. Dit is vijf procent meer uitstoot dan het vorig jaar. Het gebruik van fossiele brandstoffen als steenkool en gas zal ook in de toekomst blijven, ondanks de fundamentele transformatie van het wereldwijde energiesysteem.

0 7
verwarming
verwarming

Voor het eerst is Groengas van Omrin geleverd aan het publieke energienet van Liander. Het afvalverwerkingsbedrijf produceert het gas uit organisch afval.

Omrin is al jaren bezig als biogasproducent. Een investering van 5 miljoen in de gasopwerkingsinstallatie door aandeelhoudende gemeenten gaf een impuls in de ontwikkelingen. Biogas ontstaat door vergisting van organisch afval. Met gas uit de stortplaats wordt dit gas op kwaliteit gebracht en kan dan als Groengas aangeboden worden. Het gebruik is daarbij gelijk aan dat van aardgas. Omrin streeft een circulaire economie na en de productie van Groengas sluit daar helemaal op aan.

De nieuwe installatie voor de gasopwerking is nu de grootste van de Benelux en goed voor een jaarlijkse productie van 14 miljoen kubieke meter Groengas. Omrin gebruikt 1 kuub daarvan voor het eigen tankstation voor de zestig bedrijfsvoertuigen. De rest, 13 miljoen kubieke meter, komt ter beschikking van het publieke energienet van Liander. Maar liefst 10.000 huishoudens kunnen daarmee van gas worden voorzien.

0 9

In de komende ronde van de SDE+ wordt een miljard euro aan extra subsidiegelden gestopt. Het geld komt uit de subsidiebegroting die eigenlijk pas de komende jaren beschikbaar zou komen. Het Ministerie van Economische Zaken heeft dit bekend gemaakt en zegt met de maatregel de grote vraag te willen tegemoetkomen.

De Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) is een ministeriële regeling ter bevordering van de totstandkoming van schone en hernieuwbare energie. In de eerste ronde stond dit jaar al 4 miljard euro ter beschikking. Er werd echter ruim twee keer zoveel subsidie aangevraagd dan beschikbaar was. Dit najaar zou eveneens 4 miljard euro subsidie beschikbaar komen, maar dat wordt nu dus verhoogd naar 5 miljard euro. Het is nog onbekend hoeveel stimuleringsgeld volgend jaar opengesteld wordt, maar volgens het ministerie zijn de bedragen vergelijkbaar met dit jaar.

De SDE+ regeling ondersteunt vooral de goedkoopste technologieën met de hoogste energieopbrengst. Kleinschalige projecten maken ook grote kans om gehonoreerd te worden. De productie van alle soorten groene stroom maken kans op een bijdrage, zoals zonne-energieprojecten, biomassa verbranding, windmolens op eigen terrein, geothermie. Ontwikkelaars die de subsidie aanvragen hebben vijftien jaar de tijd om de productie van groene energie op gang te krijgen. Wordt er geen stroom geproduceerd, dan wordt de subsidie niet uitgekeerd.

0 28

Hèt grote dilemma voor duurzame energiebronnen als zon en wind vormen de grote pieken en dalen die erbij komen kijken. De groene stroom die opgewekt wordt moet direct gebruikt worden. Als dat niet kan, gaat de energie verloren. Nuon gaat dit probleem oplossen door te experimenteren met het gebruik van accu’s op het Prinses Alexia Windpark in Zeewolde. Teveel opgewekt windenergie kan daardoor opgeslagen worden en gebruikt worden in tijden dat het niet zo hard waait of als er een piekvraag naar elektriciteit is.

Het experiment van Nuon is uniek. Nog niet eerder zijn batterijen toegepast om duurzaam opgewekte energie op te slaan voor later gebruik. In eerste instantie plaatst het energiebedrijf twee accu’s in groene zeecontainers met een totale capaciteit van 3 megawatt. Dit is voldoende voor de stroom van 1800 tot 2200 huishoudens. Het is de bedoeling dat de batterijen vijftien tot twintig jaar meegaan. Op termijn staat een uitbreiding van de capaciteit op stapel naar 12 megawatt in acht accu’s.

Het Prinses Alexia Windpark in Zeewolde is volgens Nuon de ideale locatie voor de proef. Al sinds de opening in 2011 dient het park al als nationaal windenergielaboratorium waarin geëxperimenteerd wordt met allerlei nieuwe vindingen. De test met de opslag van windenergie in accu’s is van groot belang voor de toekomst van windenergie. Voor de stroomvraag zal een steeds groter beroep gedaan worden op windenergie. Het oplossen van het vraagstuk omtrent de opslag van teveel opgewekte energie is daardoor van het grootste belang om windstiltes en pieken in de energievraag op te kunnen vangen.

0 6

Het geplande Nederlandse Windpark Borssele lijkt tegen de laagste kosten ooit stroom te kunnen produceren. Dong Energy denkt voor slechts 7,27 cent per kilowattuur stroom te kunnen leveren. De laagste prijs ooit voor stroom uit offshore windenergie.

De prijs van de Deense energieproducent is weliswaar exclusief de aansluitkosten voor het energienet, maar ook daarmee blijft het historisch laag. Het bedrijf heeft daarmee het winnende bod gedaan om het windmolenpark te gaan bouwen. Tot nu toe lag het laagste bedrag wereldwijd voor de aanleg van windmolens op zee op 10,3 cent per kilowattuur. Ook dat bedrag was exclusief de netaansluitingskosten. De doelstelling van de sector was om in 2030 op het prijsniveau van 7 cent te kunnen zitten. Dat punt is nu dus al bereikt. Dong Energy zegt de energie te kunnen leveren tegen de geboden prijs door samenwerkingen aan te gaan binnen de hele offshore windsector.

Minister Kamp van Economische Zaken denkt dat de lage prijs mogelijk is geworden doordat bedrijven tegen elkaar kunnen concurreren. Ook de branchevereniging NWEA wijt de lage prijs aan gunstige marktomstandigheden. De overheid regelt alle voorwaarden om het windmolenpark aan te kunnen leggen. Kamp is van mening dat de vermindering van de kosten een doorbraak betekent voor de transitie naar meer duurzame energie.