Tags Artikelen met de tag "windmolen"

windmolen

0 18

Naar aanleiding van klachten van kritische organisaties rondom windenergie onderzocht de Nationale Ombudsman de online informatie over windenergie van de Sociaal Economische Raad (SER). De Ombudsman concludeert dat de gegeven informatie onjuist, onvolledig en achterhaald is. Ook de rol die Ed Nijpels, aanjager van de vergroening van de energieproductie, bij de informatievoorziening speelt wordt door de Ombudsman gehekeld.

Volgens de Nationale Ombudsman worden de nadelen die windmolens met zich meebrengen op de website van de SER gebagatelliseerd zonder verdere onderbouwing. Hij deed onderzoek naar de informatievoorziening op verzoek van het Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW) en de Nederlandse Vereniging Omwonenden Windturbines (NLVOW). Deze organisaties zijn voorstander van duurzame energieopwekking, maar plaatsen vraagtekens bij de bouw van veel grote windmolens in Nederland. De informatie van de SER is vooral gericht op de promotie van de plaatsing van windmolens. De SER moet de uitvoering van het Energieakkoord bewaken. Ed Nijpels is voorzitter van de Borgingscommissie Energieakkoord en houdt er namens de SER toezicht op dat het akkoord in goede banen geleid wordt.

Op de website van de SER plaatste in 2015 zogenaamde factcheckers over windenergie. Daarin komt onder meer naar voren dat slechts een klein deel van omwonenden hinder ondervindt van het geluid van windturbines. De bewering wordt niet onderbouwd met onderzoeksresultaten. Ook zou de waardedaling van huizen in de nabijheid van windmolens gering zijn. Deze uitspraak is gebaseerd op een onderzoek van vóór 2011. Sindsdien is het aantal windturbines toegenomen in aantal en grootte en worden ze dichter bij woongebieden geplaatst. Ook de gezondheidsrisico’s en slaapproblemen van omwonenden worden vergoelijkt.

De Ombudsman raadt de SER en Ed Nijpels aan de informatie te controleren op juistheid, volledigheid en actualiteit. De SER verbaast zich over de bevindingen van de Ombudsman en deelt de mening niet dat ze opzettelijk uitsluitend positief tegenover windenergie staat. Volgens de Raad komen zowel voor- als nadelen voldoende aan bod in de factcheckers.

0 6
Eneco groene energie
Eneco groene energie

Tijdens de Energieraad in Luxemburg zullen de landen rondom de Noordzee hun afspraak bekrachtigen waarin zij aangeven samen te werken in de planning en de bouw van windmolenparken op zee. Nederland, Duitsland, België, Luxemburg, Frankrijk, Denemarken, Zweden, Noorwegen en Ierland sluiten daarmee een gezamenlijk pact voor de opwekking van grootschalige duurzame windenergie.

De samenwerking heeft als doel om de bouwkosten van de off shore windmolenparken te verlagen. Dat kan bijvoorbeeld door een collectieve inkoop, een op elkaar afgestemde aanleg of een gezamenlijke ontwikkeling. Minister Kamp van Economische Zaken is initiatiefnemer in de samenwerking tussen de Noordzeelanden. Luxemburg grenst daarbij als enige niet aan de Noordzee, maar als onderdeel van de Benelux ziet het land zich toch geroepen mee te werken. De positie van de Benelux landen is volgens minister Kamp sterker in de gesprekken over het Europees energiebeleid dan wanneer deze landen zelfstandig deelnemen. Ook Ierland is niet een echt Noordzeeland, maar Kamp is van mening dat hoe meer landen meedoen in de samenwerking, hoe beter het is.

Minister Kamp geeft aan dat de samenwerking van de Noordzeelanden een grote doorbraak betekent in een Europees energiebeleid. Hij ziet met de onderlinge afspraken bovendien betere kansen voor de diverse maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven om makkelijker grensoverschrijdend zaken te doen, vergunningen aan te vragen en subsidies te krijgen.

0 4

In het afgelopen jaar zijn de investeringen in windmolens op zee in Europa en de geïnstalleerde capaciteit verdubbeld ten opzichte van 2014. Cijfers van de European Wind Energy Association (EWEA) wijzen dit aan.

Maar liefst 13,3 miljard euro is in 2015 geïnvesteerd in windmolens op zee waarbij 754 nieuwe windturbines werden geplaatst met een totale capaciteit van meer dan 3 gigawatt. Dat vermogen komt neer op stroomvoorziening voor ongeveer een miljoen gezinnen. De windmolens nemen niet alleen in aantal toe, ze worden ook steeds groter. De gemiddelde capaciteit per molen steeg van 3,7 naar 4,2 megawatt. De grootste groei in het afgelopen jaar is gerealiseerd in Duitsland.

In totaal heeft Europa nu voor 11 gigawatt aan windmolens in zee staan. Momenteel worden nog gebouwd aan zes parken. Wanneer die opgeleverd zijn, stijgt de capaciteit naar 12,9 gigawatt. Groot-Brittannië heeft het grootste aandeel in de Europese windenergie en voert de lijst aan met 5 gigawatt. Duitsland is door de groei van het afgelopen jaar een goede tweede met iets meer dan 3 gigawatt.

De enorme toename in windmolens is te danken aan de vertraging die projecten eerder hadden opgelopen. 2016 zal naar verwachting veel rustiger verlopen. Daarna zal er weer een grotere groei volgen, zodat in 2020 meer dan 20 gigawatt wordt opgewekt door windenergie. Wat er na 202 gaat gebeuren is nog ongewis. Volgens Giles Dickson, CEO van de EWEA boekt de industrie grote vooruitgang in het reduceren van kosten. Er is echter behoefte aan regeringen die een duidelijke visie garanderen op de volumes die op de lange termijn gewenst zijn. Duidelijke wetgeving is daarbij nodig die de nodige investeringen daarvoor mogelijk maakt. Ook een actieve samenwerking tussen regeringen is van cruciaal belang.

0 14

Windmolenparken hebben een veel slechtere energieopbrengst dan algemeen wordt aangenomen. Dat zegt het Max Planckinstituut na eigen onderzoek.

Waarom de opbrengst tegenvalt heeft verschillende oorzaken. De belangrijkste daarvan is dat de achterste windmolens van een windmolenpark aanzienlijk minder wind vangen dan de molens die vooraan staan, en dat zijn de molens waar de gehele energieopbrengst doorgaans mee wordt berekend. De geschatte energie is dus veel hoger dan wat er werkelijk kan worden opgewekt.

Onderzoeker Lee Miller heeft met zijn collega’s becijferd dat je voor een windmolenpark zoals die momenteel worden aangelegd een gemiddelde jaaropbrengst kunt verwachten van een Watt per vierkante meter.

Miller neemt een gepland windmolenpark bij Borssele als voorbeeld. Daar wordt nu uitgegaan van een totaalopbrengst die vier tot vijf keer hoger is dan wat er volgens zijn eigen berekening werkelijk te behalen is. Het is volgens hem ook eenvoudig waarom dit zo is. De windmolens halen allemaal energie uit de lucht, waardoor het verderop in het windmolenpark gewoonweg minder hard waait dan aan de voorkant en dit merk je behoorlijk in de energieopbrengst.

Volgens Miller zou het ook weinig verschil maken of je een windmolenpark op land of in de zee bouwt, in elk geval niet voor de energieopbrengst ervan.